Nederlander moet vaker en flink dieper in buidel tasten: inflatie neemt explosief toe

Economen worden er nerveus van en dat merk je in de portemonnee: de inflatie neemt explosief toe, tot het hoogste punt in twintig jaar. Maar ingrijpen, dat doen overheden niet. Nog niet.

Duurdere sinterklaascadeaus binnenkort. Een hogere energierekening. Een paar tientjes meer bij de benzinepomp, nu al. De Nederlandse consument moet vaker dieper in de buidel tasten. En flink ook.

Het is, zeggen economen, deels de keerzijde van de aantrekkende economie. Die veert in Europa, maar zeker ook in Nederland, ‘verbazingwekkend snel’ op na de coronaklap, aldus minister Wopke Hoekstra van Financiën. Maar nu de economie loeit als een goedgevulde allesbrander, heeft dat wel een negatief gevolg: stijgende inflatie, ofwel hogere prijzen voor goederen en diensten. En dat vreet aan onze koopkracht.

"Te hoge inflatie kan gevaarlijk zijn, weten economen"

Het CBS heeft berekend dat goederen en diensten voor Nederlandse consumenten in oktober 3,4 procent duurder zijn geworden dan een jaar eerder. Dat is de sterkste stijging sinds april 2002. Onder andere gas en elektriciteit werden vorige maand flink duurder, waardoor de inflatie opliep. In september stegen de prijzen nog met 2,7 procent.

Volgens de Europese geharmoniseerde methode om inflatie te berekenen was de inflatie in oktober nog hoger. In dat geval stegen de consumentenprijzen met gemiddeld 3,7 procent. Dat is net iets minder dan in de hele eurozone. Daar liep de inflatie in oktober op tot 4,1 procent op jaarbasis, het hoogste niveau sinds juli 2008.

We scharen ons daarmee in een lang rijtje van Europese landen met hoge inflatiecijfers. Duitsland in oktober: 4,5 procent, het hoogste niveau in 28 jaar. Spanje in dezelfde maand: 5,5 procent, het hoogste in 29 jaar.

Het is, zeggen economen, deels de keerzijde van de aantrekkende economie. Die veert in Europa, maar zeker ook in Nederland, ‘verbazingwekkend snel’ op na de coronaklap, aldus minister Wopke Hoekstra van Financiën. Maar nu de economie loeit als een goedgevulde allesbrander, heeft dat wel een negatief gevolg: stijgende inflatie, ofwel hogere prijzen voor goederen en diensten. En dat vreet aan onze koopkracht

Het CBS heeft berekend dat goederen en diensten voor Nederlandse consumenten in oktober 3,4 procent duurder zijn geworden dan een jaar eerder. Dat is de sterkste stijging sinds april 2002. Onder andere gas en elektriciteit werden vorige maand flink duurder, waardoor de inflatie opliep. In september stegen de prijzen nog met 2,7 procent.

Volgens de Europese geharmoniseerde methode om inflatie te berekenen was de inflatie in oktober nog hoger. In dat geval stegen de consumentenprijzen met gemiddeld 3,7 procent. Dat is net iets minder dan in de hele eurozone. Daar liep de inflatie in oktober op tot 4,1 procent op jaarbasis, het hoogste niveau sinds juli 2008.

We scharen ons daarmee in een lang rijtje van Europese landen met hoge inflatiecijfers. Duitsland in oktober: 4,5 procent, het hoogste niveau in 28 jaar. Spanje in dezelfde maand: 5,5 procent, het hoogste in 29 jaar.

De grootste angst is echter dat hoge inflatie leidt tot een loonprijsspiraal. We zien nu al dat vakbonden loonsverhogingen van 5 procent eisen, om zo nog een beetje koopkrachtstijging in de portemonnee over te houden. Maar omdat hogere lonen geld kosten, kunnen bedrijven spullen duurder maken en bestaat de kans dat bonden nog meer loon eisen. Gevolg is een vicieuze cirkel, waarbij Nederland zich langzaam uit de wereldmarkt prijst en de economie tot stilstand komt. Dit fenomeen - stagflatie - leidde er eind jaren zeventig toe dat de werkloosheid hard opliep.

Tijdelijk

Vorige week had de Europese Centrale Bank dan ook drie onderwerpen op de agenda: ,,Inflatie, inflatie, inflatie”, aldus ECB-voorzitter Christine Lagarde. Maar haar oordeel is mild. Volgens Lagarde is de inflatiestijging ‘tijdelijk.’ Al moest ze toegeven: de inflatiegolf duurt nu al ‘langer dan we eerst verwachtten.’

De ECB ziet een paar oorzaken voor de hogere inflatie. Allereerst het tekort aan grondstoffen, denk aan hout of metaal. Maar ook tekorten aan personeel nu de economie ineens aantrekt en het gebrek aan chips (voor laptops, smartphones en auto’s) dragen bij aan de geldontwaarding. Maar de grootste boosdoener is de energieprijs. Door de groeiende economie is de vraag naar brandstoffen ineens zo groot dat de prijs wordt opgedreven, al was het maar omdat oliegiganten en gasbedrijven de vraag gewoon even niet aankunnen.

Het is om die redenen dat de ECB er nog steeds van uitgaat dat de inflatie ook weer vanzelf gaat dalen en dat het hoge niveau tijdelijk is.

CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen kan die redenering ‘wel goed volgen.’ ,,Als wij kijken naar waar de inflatie nu vandaan komt, is dat toch echt goeddeels door hogere energieprijzen. Het zit meer daarin dan bijvoorbeeld doordat voedsel of arbeid duurder is geworden.” En, houdt hij voor, energieprijzen ‘stabiliseren’ meestal weer. ,,Na corona herstelt de economie zich en we zien nu dus frictie tussen de vraag die groot is en het aanbod dat kleiner is. Dat kan kortstondig zijn. En dus kan de hogere inflatie ook tijdelijk zijn.”

Glazen bol

Let wel, een glazen bol heeft hij niet, waarschuwt Van Mulligen. Omdat dit geldt voor alle economen, vallen de experts in twee kampen uiteen. Zij die er gerust op zijn dat de inflatie wel weer op ‘normaal niveau’ komt, en zij die vrezen voor langdurige inflatie.

Hoogleraar Economie Lex Hoogduin behoort tot de laatste groep. ,,Niemand weet of de inflatie tijdelijk of permanent is. We weten wel dat de ECB er nu niets aan doet om de schade te beperken als het langdurig blijkt.”

De ECB koopt sinds de coronacrisis via het ‘noodopkoopprogramma’ leningen op van overheden, zodat miljarden in de economie kunnen worden gepompt. Het gaat inmiddels om het duizelingwekkende bedrag van 1850 miljard euro. De ECB heeft gezegd daarmee te stoppen in maart, maar Hoogduin zegt dat die stap te laat komt. ,,Zo houdt de ECB nog maanden de voet op het gaspedaal. Zonder enige reserve.”

Zijn oproep: stop met het aanjagen van de economie én verhoog weer geleidelijk de rente. De economische wet is: als de ECB rentes verhoogt, daalt de inflatie. Geld lenen wordt immers duurder, dus gaan mensen en bedrijven minder uitgeven. Dat remt de economie en daarmee dalen de prijzen.

Maar nu het meerjarige beleid is de rente laag te houden om inflatie juist aan te wakkeren tot de gewenste 2 procent, is de ECB huiverig, denkt Hoogduin. Bovendien: een hogere rente kan ertoe leiden dat vooral landen met een hoge staatsschuld - denk aan Italië en Griekenland - onmiddellijk in betalingsproblemen komen.

ECB-president Lagarde gaf dus vorige week juist geen enkel signaal over renteverhoging af. Op ingrijpen op de inflatie hoeft dus niemand te rekenen. Het is afwachten - en duimen- dat het inderdaad een tijdelijk spook betreft.

Leave a Comment